Skip to content
12/21/2011 / ingmarelgrifo

Gekke jongens die Zuid-Amerikanen

In Buenos Aires de breedste straat ter wereld oversteken: de 16 banen brede Avenida de 9 Julio

In negen weken Zuid-Amerika (+ alweer een week van reflectie thuis) bekruipt je veelvuldig het gevoel, dat het er allemaal toch wel wat gek aan toegaat in dit continent. Of eigenlijk: er trekken veel bevreemdende dingen aan het oog voorbij en je vraagt je af; of jij de enige bent die het een tikje merkwaardig vindt, dat voetgangers vogelvrij zijn, voorrangsregels ondanks een ongekende verkeershectiek niet bestaand en dat zelfs politieauto’s in Buenos Aires de moeite niet nemen de lichten te ontsteken. Waarom zouden ze ook? De metropool is flink verlicht, agenten gebruiken vrijwel voortdurend de zwaailichten en hun wil is sowieso wet in de betonnen jungle.

Terugblikkend zet ik wat idiote zaken op een rij. Het verkeer verdient een aparte vermelding en is ingedeeld in een Argentijns en Peruaans deel:

Cabildo in Belgrano

De drukke verkeersader Cabildo, die de wijken Belgrano en Palermo doorsnijdt. Oversteken op eigen risico

Buenos Aires
– Taxi- en buschauffeurs stoppen echt niet voor voetgangers, zebra or no zebra. Zij rijden nog veel onverbiddelijker en gevaarlijker dan de automobilisten in de Argentijnse hoofdstad, maar er is nog een buitencategorie: vuilniswagenchauffeurs stoppen echt nergens voor. Ze denderen ’s nachts rustig onverlicht over de kruisingen van de mooie wijk Palermo.
– Autoverlichting lijkt in Buenos Aires dus overbodig. Zelfs de politie gebruikt het amper, maar de wetshandhavers rijden dan ook vrijwel continu met zwaailichten.
– Als er geen stoplichten staan zijn er geen officiële voorrangsregels en geldt een soort ‘eye of the tiger’ principe: twee toesnellende automobilisten kijken elkaar in de ogen en bepalen zo wie er doorrijdt… Tenzij de ander een taxi of bus bestuurt of zwaailichten voert uiteraard.
– Als Argentijnen hun auto willen verkopen zetten ze een fles/jerrycan water op het dak.
– Fietsen (geldt waarschijnlijk voor groot deel continent) zie je gek genoeg weinig. Buenos Aires komt regelmatig tot stilstand in lange stinkende files, de stad kent vrijwel geen hoogteverschil en heel veel studenten, maar de geneugten en (milieu-) voordelen van de fiets moeten hier nog gepropageerd worden.

Nachtelijk bumperkleven op de nauwe, steile Cuevas de San Blas, Cusco

Peru:
– In Lima lijkt het verkeer nog hectischer dan Buenos Aires, maar vooral ook ongeorganiseerder. Hard rechtdoor rijden is easy, afslaan is de kunst. Mijn taxicoureur heeft daar geen richtingaanwijzer voor nodig (gelukkig maar, want die  bezit hij niet). Hij steekt gewoon z’n hand uit het raam en stuurt ons met ware doodsverachting tussen de aansnellende verkeersstroom. Phew.
– In Cusco is het allemaal (gelukkig) wat kleiner dan in Buenos Aires. Sterker: het stratenpatroon is de afgelopen 600 jaar (sinds Inka tijden) niet noemenswaardig verbreed, maar het verkeer wel gemotoriseerd en geëxplodeerd. Er zijn – zonder overdrijven  – op een normale dag bovendien driemaal zoveel taxi’s en busjes op de weg dan gewone auto’s en dat leidt dus tot congestie en stank. Veel stank en lange wachttijden, in de spits (en helemaal in de regen).
– De bussen zijn ook een stuk kleiner helaas en op- en uitstappen vereist wat doorzettingsvermogen en geluk. Elke twee minuten stopt een bus bij de halte, waarna een helper eruit springt en een hele serie bestemmingen opratelt, je vraagt naar of herkent jouw eindhalte en stapt in. Of eigenlijk: je wurmt je erin want dat minibusje zit altijd propvol. Omdat je bijna 2 m. lang bent, sta je noodgedwongen alsof je je tenen probeert aan te raken en is uit het raam turen voor oriëntatie of je tas in de gaten houden nogal lastig. Gelukkig roept de helper elke halte weer om, waardoor je tijdig ‘bajar!’ (uitstappen) kan schreeuwen, hem 70 cent (20 eurocent) in z’n hand duwt en dankbaar de buitenlucht opzoekt.

Genoeg absurde situaties in Cusco

De verbazingwekkende ervaringen houden uiteraard niet op bij het verkeer:
– We schreven al eerder over geld en vooral het feit dat je makkelijk aan briefgeld komt, maar het haast niet kan omzetten in klein/wisselgeld. Des te sneuer dat je in de bus in Buenos Aires alleen met munten kunt betalen.
– Omdat je er als een domme/onbeschofte buitenlander uitziet, vertelt de ober je nog even extra dat de fooi van 10% niet inbegrepen is of kalkt dat op het bonnetje.
– Koppelverkoop: bij een kraampje in Peru liggen de eieren in het ene venster en steken de kippenpoten uit de andere.

Neem ik speciaal de dagbus voor uitzicht incl.stoel ipv bed is het 10,5 uur eentonigheid troef vanuit autobus naar Cordoba...

Afstanden
– Nooit meer zeuren dus dat Groningen toch echt twee uur treinen is en dat je om de stad te bezoeken er wel moet overnachten. In Latijns Amerika reist vrijwel iedereen met de bus (goede treinen zijn zeldzaam en duur en nationale/continentale vluchten duurder). Voor Peruanen is 20 uur in de bus zitten om van Cusco naar Lima te komen heel normaal. En dat is verre van een luxe trip. In tegenstelling tot Argentinië, waar je redelijk betaalbaar hele luxe busreizen boekt, zodat je stoel in een soort luxe bedje verandert.
– In het langgestrekte land kom ik, reizend van oost naar west, vanaf Buenos Aires in 10,5 uur net halverwege tot tweede stad Cordóba. Stap in Nederland maar eens voor 10 uur in de bus en tel het aantal landen.

Heerlijke bife de lomo con salsa de setas in El Arribal, Cordoba. When in Argentina do as the...

Eten
– In Argentinië heeft de keuken meer Italiaanse invloeden dan Spaanse en eten ze verder vlees, heel veel en voornamelijk rundvlees. Relatief duur voor Z-Amerikaanse begrippen, maar empanadas zijn een betaalbaar, smakelijk alternatief.
– In Cusco, Peru is de keuken een stuk rijker, met Aziatische, Mexicaanse en Europese gerechten en eten ze ook heel veel vlees. Ook alpaca, cavia en ceviche (rauwe vis in citrus gemarineerd) staan op het menu, naast veel rijst en de onvermijdelijke aardappel.

In Santiago is het centrum extreem beveiligd

Veiligheid en gezondheid
– Vooraf was ik van alle kanten gewaarschuwd: er leek bijna geen toerist te bestaan die niet op zijn minst beroofd was in Zuid-Amerika en in het hele continent was het uitkijken geblazen. Als je de berichten mocht geloven. Ik was dan ook zeer op mijn hoede in (de metro’s van!) Buenos Aires en Santiago de Chile. Ook in Cusco hield ik continu mijn broek- en rugzak in de gaten. Heel vermoeiend, maar het werkt wel.
– Daarbij aangetekend: Argentinië, (Santiago de) Chili en Peru waren heel niet zo gevaarlijk. Zeker niet als je je verstand gebruikt en oplet. Een groep Duitse meisjes in ons hostel in Buenos Aires was echter drie keer beroofd in twee weken, onder meer van de portemonnee in de metro. Daarbij speelde ongetwijfeld mee dat ze hoogblond en twee turven hoog waren, telkens luidkeels in het Duits converseerden, er rijk uitzagen en zich telkens in een groep voortbewogen…
– Ondanks alle waarschuwingen, inentingen (+ bijbehorende preek) en stapels met medicijnen (diarreestopper, zoutoplossing, tekentang, insectenwerende zalf, etc) heb ik alleen dat insectenwerende goedje met deet nodig gehad en dat dan alleen tijdens de beklimming van Huayna Picchu. Natuurlijk had ik geluk dat ik in niet-tropisch (en dus malariavrij) gebied vertoefde, maar de stelling dat iedere toerist in Peru een vorm van darm/maaginfectie oploopt is bij deze gelogenstraft.

Mooie verhalen
Heb onderweg toch heel wat gekke en bijzondere dingen beleefd. Een korte greep:

In Peru gebruiken ze op het platteland hele charmante taxi's

1. Córdoba van de regen in de taxi
Zo zit je al bijna twee weken weg te smelten bij 35+ graden in de Argentijnse zomer en dan gaat het opeens regenen en onweren… Dat onweer was zo gek nog niet, ook niet voor de temperatuur, maar die regen veranderde de tweede stad van het land in een bizarre urban jungle. Ik was net op tijd terug bij het hostel om mijn drogende wasgoed en schoenen te redden, maar tien minuten later was de chaos in het centrum onbeschrijfelijk: de afwatering kon het overvloedige hemelwater niet bolwerken en al gauw vormden zich rivieren die via zijstraten naar beneden raasden, boomtakken en allerhande afval meesleurend. Snel een taxi bellen om de nachtbus naar Mendoza te halen dan maar. Vergeet het maar: “als het regent zijn de taxibedrijven onbereikbaar, want dan zijn alle wagens bezet omdat iedereen een taxi wil”, begrijp ik. Een taxi aanhouden is de enige optie. In de stromende regen naar de hoofdstraat dus, waar ik meerdere taxi’s op de weg ontwaar maar een metersbrede stroom blokkeert mijn route. Ik zie geen andere uitweg; neem een flinke aanloop op het trottoir, spring naar twee geparkeerde auto’s en kan me net op de ene kofferbak en de andere motorkap afzetten. Zo beland ik zonder al te natte voeten ineens voor de taxi, de eerste lege in een half uur wachten…

Prachtige tocht, maar afzien in de bus...

2. Verwend Engels meisje met iPod in bus naar Chili
Tijdens de ellenlange busreis Mendoza-Chili (vanwege compustoring bij grens met 4 uur verlengd tot 10 uur) maken we het meest nare en verwende Engelse meisje ooit mee. Iemand die consequent niet luistert, met een zeikstemmetje praat, het bloed onder de nagels van eerst haar ouders en vervolgens steeds meer passagiers vandaan treitert en telkens die iPod weer wat harder zet. Na twee uur in de stilstaande bus is pa het ook zat en stelt haar voor de keuze: “Je kan of luisteren of zo doorgaan, maar straks wil elke persoon in deze bus je vermoorden en ik geef ze groot gelijk.” Waarop de Nederlander naast me tegen zijn partner zegt: “Dat is het sein; we mogen!”

Stekker eruit, want die gasten slopen de boel!

3. Luis Suarez en de 2-1 in de voetbalwedstrijd Uruguay-Chile
Zuid-Amerikanen zijn voetbalgek en dat geldt dus ook voor Chilenen en Peruanen, die misschien niet zoveel reden tot juichen hebben, maar toch maar wat trots zijn op hun voetbalteam. Vandaag staat de WK-kwalificatiewedstrijd Uruguay-Chili op het programma, dus worstel ik me in het voetbalmaffe Santiago tijdig een pizzatent met grote schermen in. Chili heeft echter geen bovenmatig getalenteerde selectie. Tot overmaat van ramp heeft de coach net een aantal sterspelers wegens wangedrag (stiekem stappen) uit het elftal gezet en Uruguay won een paar maanden eerder soeverein de Copa America. Dus… Binnen een paar minuten staat het 1-0, en niet veel later 2-0 door een ontketende Luis Suarez. Mooi om te zien dat die man in Zuid-Amerika net zoveel haat weet op te roepen als vroeger in Nederland. Chili is echter niet volstrekt kansloos en weet halverwege na een knappe combinatie met een volley te scoren. Vervolgens knalt de hele feestzaal vol studenten uit elkaar in orgastische stromen drank en glas, die overal tegenaan vliegen. Het interieur lijkt ten dode opgeschreven en de uitbater ziet 1 optie: licht aan, tv uit en hele brede uitsmijters de zaal in. Het publiek bedaart, iedereen neemt weer plaats, de tv knippert weer aan en het scorebord geeft doodleuk 2-0 aan. Wat blijkt? Doelpunt toch afgekeurd, randje buitenspel. Uruguay loopt vervolgens soepel uit naar 4-0 (4x Suarez…), maar het feest is los.

Deze vrouw in de Mercado San Pedro stopte in 10 min. het gat in m´n broek

4. Santiago – was vergeten, gat in m’n laatste broek
Prachtstad dat Santiago. Slechts 1 minpuntje: de wasserette sluit om 14.00 uur en dat herinner ik me klokslag 14.30 uur… Een vloek, een sprint en schietgebedjes onderweg mogen niet meer baten: het rolluik is onverbiddelijk neergelaten en vastgeketend. Damn, en ik vlieg de volgende (zondag-) ochtend vroeg naar Peru… Een hele serie pogingen via niet begrijpende buurmannen van de wasserette (en met hulp van mijn Nederlandse bed&breakfast eigenaar) zijn aan dovemansoren gericht. De eigenaar is inmiddels thuis voor een weekend met de familie en de bbq. Mijn aanbod om zijn taxi te betalen maakt weinig indruk, de man woont dan ook ruim 200 km. buiten Santiago en het vlees ligt al op de grill… Dus zonder 2/3 van mijn wasgoed naar Peru gevlogen, lekker licht rugzakje. Helaas scheurt de dag na aankomst in Cusco mijn enige overgebleven lange broek uit.. Wat nu? Geen nood: op de markt van San Pedro in Cusco zitten vrouwen die de hele dag met de naaimachine kleine klusjes oplossen. Tien minuten en 1 sole (30 cent) armer sta ik weer buiten. En in het weekend arriveert al een grote doos uit Santiago de Chile met al mijn wasgoed erin! Kost me wel 40 euro, maar soit.

Bus kapot op weg naar Espinar: vertraging 2 uur

5. Espinar: als enige blanke mee de provincie in
Eerder beschreven in dit Engelstalige blog, maar de basketbalexcursie naar Espinar maakte veel indruk. Niet omdat de bus en het hostel het begaven, of vanwege de armoedige omstandigheden, maar vooral vanwege de algehele cultuurschok. Het is vreemd, bizar eigenlijk, maar ergens ook wel weer leuk om als enige blanke, blauwogige in een vreemd provinciehoofdstadje rond te dolen. En heel gek als de halve markt je aanstaart en vrouwen je naroepen.

Links of rechtsom: Peru was het mooist en het vreemdst. Gotta love it!

Rare jongens die Zuid-Amerikanen, maar levenslustig, optimistisch en zeer vriendelijk. Ik moet toch eens terug om te zien of die Colombianen, Brazilianen, Equatorianen en Bolivianen net zo raar en aimabel zijn.

Minpuntje: vertel je net aan iedereen dat je naam Grifo (en dus de mythische Griffioen) betekent, blijken alle water/brandkranen en benzinepompen ook Grifo te heten...


12/12/2011 / ingmarelgrifo

Top 5 América Latina

Awesome view of Machu Picchu with Huayna Picchu

Zo 9 weken Latijns Amerika zitten er helaas alweer op. Dat is jammer want het is verdraaid goed bevallen en had er zo nog wat weekjes aan vast willen knopen. Niet getreurd, terug naar Nederland (waar het winterrrrr is…) is ook geen straf en er zit nog een vakantietje Tenerife/La Gomera in het vat. Net voor ik afreis is het ook een logisch moment om de balans op te maken middels een Top 5 van de mooiste/meest indrukwekkende ervaringen hier in Zuid-Amerika.

Klikken op de links brengt je naar een blog of het Facebook foto-album.

1. Machu Picchu en Huayna Picchu
Eén van de zeven recentste wereldwonderen en dé plek die je in Zuid-Amerika gezien moet hebben. Pas 100 jaar geleden ontdekt en gelukkig door Spanjaarden op hun vernielzuchtige strooptochten gemist. Vooral vanwege de superbe ligging, die de stad vanaf het dal onzichtbaar maakt. En omdat de Inka´s de paden erheen en daarmee hun heilige stad wisten te verbergen. Het is bovendien ook de reden dat mijn verblijfplaats voor 4 weken, Cusco, de gringo capital van Latijns Amerika is. Goede gids ook, maar veel toeristen weer. Vooral ook het beklimmen van Huayna Picchu en het magistrale uitzicht op de overblijfselen van Machu Picchu en het door groene Andes-pieken geflankeerde stroomdal van de Urubamba maken dit de absolute nummer 1.

Mountainbiken naar de Salineras

2. Magisch mountainbiken in Sacred Valley
Spontaan ingevallen op verzoek van NL buddies Adriaan en Pepijn en Zwitserse bergspecialist Simon. En wat een beloning. Vanaf de start, paar km. buiten Chinchero, een prachtige tocht op de fiets van 48 km en vrijwel zonder ademnood en schrammetje doorstaan! Mooiste MTB-tocht voor mij ooit, easily beats the Belgian, Croatian, Slovenian, Austrian & German mountains! De tocht voerde bovendien langs de Inka ruines van Maras Moray en de prachtige Salineras (zoutpannen). Een afdaling van in totaal 1200 m. naar Urubamba completeerde het niet geringe plaatje.

3. Boca Juniors – Atlético de Rafaela

Toch zeker het hoogtepunt in Argentinië. Een wedstrijd in La Bombanera, het stadionnetje van Boca Juniors in de ruige wijk La Boca, moet toch wel zo´n beetje het summum voor de voetbalfan zijn. We hadden geluk want Boca speelde tegen de toenmalige nummer 2, Atlético de Rafaela, en won met 3-1 in een niet onaardige wedstrijd. Veel passie. En vooral heel veel passie op de tribunes! Leverde een ongekend feest op, ruim drie uur lang waren de supporters aan het springen, zingen en zwaaien met vlaggen. In het stadion (en vooral in de krant na afloop) begrepen we pas waarom er zoveel spanning op deze wedstrijd stond: ruzie en doodsbedreigingen tussen de twee belangrijkste supportersgroepen…

Afdalen vanaf het machtige fortaleza van Ollantaytambo

4. Inka dorpen, ruïnes (en het fortaleza) van Ollantaytambo en Chinchero
Heel fijn uitstapje met de Duitse vrienden Vincent en Svenja op mijn een-na-laatste dag hier. Was al twee keer door Ollantaytambo gekomen (heen en terug naar Machu Picchu), maar toen hadden we helaas alleen tijd om over te stappen. Vooral het tegen de helling aangesmeerde fort van Ollantaytambo is erg bijzonder. Het eronder gelegen Inka dorp staat na vijfhonderd jaar nog steeds overeind. Bij het lieftallige Chinchero zijn ze ook nog volop aan het opgraven, de resten behoren waarschijnlijk toe aan de nederzetting en het paleis van een Inka koning. Het dorpje (ook de zondagse markt!) is alleen al de moeite waard en ligt op 50 minuten bussen van Cusco (en op de terugweg van Ollantaytambo).

Chili!

5. De Andes over van Mendoza naar Santiago de Chile
Eén van de in Nederland al geplande trips. Ik wilde immers naar Santiago de Chili om vandaar naar Peru te vliegen. Aanvankelijk wist ik niet dat ik daarvoor de Andes, vlakbij de hoogte piek van Amerika, moest oversteken. Dat leverde een langdurige maar buitengewoon schone bustrip op. Later zou ik in Cusco op vergelijkbare hoogte arriveren en nog meer besneeuwde Andes-toppen zien. Maar zo dichtbij zou de sneeuw niet meer komen, schrijf ik net voordat ik terugvlieg naar de winter in Nederland…

Meer blogs in de koker, eerst maar eens een cd´tje met typisch Peruaanse Huaynos Bailables op de kop tikken en dan jetlaggen. Huaynos? De reden (onderweg naar Ollantaytambo) zie je hieronder.

12/06/2011 / ingmarelgrifo

Geld/plata: pesos, soles si! Moneda/dinero no!

Geld devalueert razendsnel in Argentinië, het briefgeld is oud, vies en voddig en muntgeld schaars

Er valt niet te ontkomen aan een blog over geld, hier in Peru ook wel plata genoemd. Ik heb in Zuid-Amerika al vier valuta in handen gehad: Chileense, Argentijnse en Uruguayaanse pesos en Peruaanse nuevo soles. Met uitzondering van Chili (waar ze heel mooi nieuw geld hebben!) is er in alle landen hier één constante: biljetten zijn er genoeg, maar probeer maar eens aan kleingeld (moneda of dinero) te komen. Een crime!

Heerlijke almuerzo (lunch) van mariscos in Mercado Central, Santiago de Chili. In restaurants kun je doorgaans wel groter geld klein maken

Wat er aan de hand is, leg ik graag uit aan de hand van volgend Peruaans voorbeeld. Je gaat naar de pinautomaat waar je bijvoorbeeld 700 soles tapt (= ruim 200 gulden, maar aangezien je op elke pintransactie een paar euro toelegt, wil je niet te vaak hoeven pinnen). Vervolgens geeft de machine je razendsnel zeven briefjes van 100 nuevo soles (of 6 plus 2 x 50) en denk je helemaal klaar te zijn voor een dagje Cusco.

Oud Cubaans geld met beeltenis Che Guevara te koop op markt in Buenos Aires

Zo mooi is het leven van de rijke buitenlandse toerist helaas even niet. Want je hebt een flesje water, een broodje, een (bus)ticket, wat tijd in het internetcafé of (god verhoede) een pakje sigaretten nodig. Dat is dan 3 tot 7 soles, maar die kun je met een veelvoud daarvan niet betalen. Niemand heeft namelijk wisselgeld voor 100 soles, noch voor 50 soles en van een briefje van 20 gaan ze ook moeilijk kijken. Niet alleen hebben ze geen wisselgeld, ze vertrouwen het ook niet, want er zijn (taxichauffeurs zijn beruchte ´vals wisselaars´) veel valse biljetten van 50 en 100 in omloop.

Metrotickets kopen of deze gozer matsen doe je in Buenos Aires met kleingeld

Nadat ze uitgebreid de watermerken tegen het licht en met de duim bestudeerd hebben, willen ze in een restaurant of supermarkt dan wel wisselen. Dat geldt dan weer niet voor de supermarkt in Argentinië, waar toch minstens een hoofd-cassière en een kwartier wachttijd vereist is om je boodschappen te betalen met groot briefgeld en je wisselgeld inclusief munten terug te krijgen. Je zou zeggen: druk ´gewoon´ wat munten bij, maar zo werkt het blijkbaar niet. Extra complicatie is dat je in de bussen in Buenos Aires met muntgeld moet betalen en dat alle kaartautomaten die ik tegenkwam geen briefgeld slikken.

In het financiële district van Santiago de Chile is geld minder schaars

Ook in Peru is het raadzaam met muntgeld te betalen, het kleinste biljet van 10 soles levert al boze blikken op en de kans dat je in de bus of taxi te weinig geld terugkrijgt, neemt toe met de grootte van de valuta. Being shortchanged is de toepasselijke Engelse term. Ook grappig: ´s nachts om 3.00 uur uitgeput op het busstation van Cusco arriveren en erachter komen dat je je laatste kleingeld aan koffie in Espinar hebt uitgegeven. In je portemonnee vind je alleen een briefje van 100, maar niemand kan dat ´s nachts wisselen. Hoe kom je dan veilig in de taxi naar je slaapplaats in het centrum? Niet dus. Valse rijkdom zeg maar. Uiteindelijk heb ik ter plekke 50 soles gepind en na veel vijven en zessen kon iemand dat wisselen, omdat we ook koffie, sigaretten en bananen kochten. Wisselen in losse munten, zodat ik met een driedubbele beurs en genoeg busgeld voor de komende weken in de taxi stapte.

De trip naar Machu Picchu betaal je in dollars (had mijn eerste dollars ooit nog geen uur op zak)

Ook apart is het verhaal van de dollars. Latijns Amerika heeft een haat-liefde-verhouding met de (bemoeizieke, betuttelende, doch machtige) Verenigde Staten en zo ook met de Amerikaanse munteenheid. Veel Argentijnse en Peruaanse prijzen worden ook in dollars weergegeven. Betalen met dollars is geen probleem (soms aanbevolen) en in zowat elke geldautomaat kun je net zo makkelijk dollars als soles of pesos tappen. Althans in Peru. In Argentinië blijkt dat veelal niet te werken. Bovendien heeft de regering allerlei restricties ingesteld op het pinnen/opnemen van grote hoeveelheden dollars, vermoedelijk om de eigen munt te beschermen en kapitaalvlucht te voorkomen. Dat betekent dat je maximaal 500 dollar per keer (en per dag) mag opnemen, ook als buitenlander. Een meisje dat ik ken in Buenos Aires moest een borgsom van 550 dollar betalen voor een huurflat in Recoleta en die transactie over twee dagen uitsmeren…

Chilenen hebben misschien wel mooiste geld, zeker vergeleken met Argentijnse pesos. 2000 biljet is gloednieuw. Overigens is 1 euro gelijk aan 700 pesos.

Dan heb je nog allerlei onwennigheden over het betalen voor cubiertos (geld voor het couvert/bestek) en het geven van fooi, wat in de Argentijnse horeca min of meer verplicht is: “de fooi van 10% is niet inbegrepen” staat er geprint op elke rekening. En als je dat niet lijkt te begrijpen, legt de ober het nog wel even haarfijn aan de domme buitenlander uit. Heel irritant ja. Zo heb ik op mijn eerste avond in Buenos Aires nogal wat onbegrip en woede uitgewisseld omdat ik tegen de camarero (kelner) ´sesenta´ (= 60) zei, terwijl ik eigenlijk ´setenta´ (70) bedoelde.

Je leert hier in ieder geval – zeker na een bezoek aan vier landen – de euro toch nog eens extra waarderen, maar leert vooral hoe belangrijk het is om aan je kleingeld vast te houden.

Geen briefgeld voor de scharensliep por favor

12/04/2011 / ingmarelgrifo

The only ´gringo´ in Espinar

Dark clouds gathering above the basketball ground

Another blog in English for the international crowd, and in order to gain two free hours of private class at Amauta Spanish, Cusco! More picas on FB.

“I´m a poor lonesome cowboy, a long long way from home…” Everyone must know the last words of horseback hero Lucky Luke as he rides away in another sunset. These words actually give a fair description of the feelings one might have riding into Espinar, the capital of the Peruvian province of Espinar, but with the appearance of a one horse desert town that seems to have little to offer. All this might be true, and Espinar is undoubtedly many times poorer and less attractive (to tourism) than Cusco, the city also awarded me with another special Peruvian experience.

Extranjero entre amigos Peruanos!

Not in the least because I was in fact the only foreigner in town, the only pale faced and blue eyed furthermore. Not a tourist in sight (which was a huge relief after two weeks in the Latin American gringo capital Cusco) and all eyes seemed to be on me, people shouting “gringo”, “bébé” (?) and all that. In fact a gril at the fair suggested at my age it was about time to have some hijos (children) and added she was more than willing to have them. Which considering her age would be highly illegal…

Actually gringo is not a nice thing to say to a Dutchman, since it implies that I have the American nationality and ofcourse I´d rather die than… But what the hell was I doing in this southeastern Peruvian coldspot? Simple: I accompanied the basketballteams of Cusco and nereby Urubamba on a trip to a tournament in Espinar. Why? Because that´s what my volunteer work here consists of, yes: lucky me again.

End of the road for this poor battered bus

So we left the hectic city of Cusco on friday afternoon with a busload of youthful and talented basketball players. And you can stop thinking about touring cars and other luxurious stuff; like the mountainbike trip this trip started as we embarked on a public bus. A slightly bigger bus at the slightly bigger interregional bus terminal, but that prooved no guarantee for a prosperous or speedy trip… Within two hours the bus broke down in some tiny village. Not a good prospect if you have a four more hours of road ahead of you. To make matters worse it quickly became obvious (and slowly even more obvious) that the bus could not be prepared to a roadworthy state, which considering the poor state of most provincial roads here, should not be surprising. It was disappointing nonetheless, especially because we learned that a substitute bus would be put on course immediately, but had to come from Cusco and therefore take two hours to reach us.

Taxi for 8? No problema!

Oh well. Not the start we were looking for, but no disaster either. We had a look around town, ate some, drank some, consumed some more and the basketballkids enjoyed themselves with all kinds of computer and card games. The sad thing is the sun disappeared at six, so we were robbed from great views for the rest of the trip. We arrived – after a very bumpy ride, no asphalt for most of the mountainous ride… – around midnight in Espinar. We got ourselves transported by taxi (eight guys in one taxi no problema! But the bottom of the car nearly didn´t make it over the many roadbumps) to Hostel Itala, which is definitely not recommended. And I´m not saying that because the promised Wifi didn´t work…

Cementing the third floor...

To be honest there isn´t a lot about Itala that does work. The toilet in my room was broken and I mean literally broken, the light bulb in the private bathroom went out with a blast, the bed had obviously been slept in (considering the amount of black hair and dirty sheets), and we were without water most of the time because they were constructing the third floor… The latter meant that the hostel was far from waterproof, which we noticed the next day. Nevertheless: a private room was nice. We immediately went out for dinner, which turned out to be a ricey and meaty affair in a very rundown but nice restaurant.

Nelly congratulating the Cusqueños after their win

Next morning I got up with very little sleep (never forget your earplugs in South America!) and we went out for breakfast. Actually it wasn´t as easy as that since nobody seemed to know where we were going or supposed to be… A few misunderstandings about the place for el encuentro (meeting) and/or desayuno (breakfast) later, and a very big but pleasant breakfast, we set course for the local basketballground. There it turned out there was a lot of sunshine (but no shade) and that the boys from Cusco weren´t up to their game yet. They were beaten at it by a youthful local team, which was led – to be fair – by a senior and superior number 10.

Urubamba ruling!

Afterwards the Urubambinos (boys from Urubamba) showed them how to win a game beating first Espinar and later the jungle boys from Puerto Maldonado as well. And with impressive performances I might add! Then Cusco got their revenge against a more senior but less inspired team from Espinar and beat them fair and square. Way to go boys!! All of this left profe (profesora) Nelly very proud and celebrations were in order! No beer allowed on excursion though and besides… a thundering rainstorm cancelled all celebrations and the rest of the tournament as well.

Espinar without electricity but still dry

To be honest: I was just typing away on my blog (read: Facebook) in the internetcafe when the first thunderblows struck and all lights and computers went out. When I asked the guy if he was thinking about restarting he looked puzzled. Then I asked him if there was another internetcafe nearby and he looked even more bewildered and explained to me this meant all electricity was down in the whole city of Espinar… Since it wasn´t raining yet, we head back tot the basketballground. There it did start raining and I mean pouring with rain. But we still had to get the basketballnets down from the ring and since I was the longest human available I was asked to cut them down, while lightning struck elsewhere in Espinar. I felt so brave… (NOT).

Apocalypse dawning on the marketplace...

We ran back to the hostel (no cabs around) in the strangest, darkest weather I remember ever seeing. When we arrived lights were still down and rain was pouring in from the third floor which ofcourse still lacked a roof, so we had to find our slippery way by touch and lighter… When electricity was restored we learned that there were not as many rooms available as last night and we had to move in to one anothers rooms or even beds. A number of chaotic scenes and minutes followed, before the profe decided (praise the lord) we were taking the nightbus back to Cusco. A good thing, especially since there was no bus service on sunday morning. We just had time to consume some pollo a la brasa (chicken) and buy some water. The busride back was a bumpy as the first one, but more scary because every ten minutes we encountered a big truck woth flashlights carrying stones from some quarry (mine), after which the bus usually had to drive backwards for a few meters. Scary, to say the least. But we got back in Cusco inside 5 hours, said our goodbyes and thanks for a great trip!

Cusco squad winning against Espinar

You can find more pictures of the more than legendary bb-trip on Facebook.

In the meantime my buddy Jonas and I arrived in Aguas Calientes (Machu Picchu pueblo). We took a very very bumpy and (because of the daylight?) more scary minibusride from Cusco to Ollaytantambo and got on the train there. The train prooved way more comfortable and unimaginably beautiful, best ride for me ever!! Now were awaiting our tourguide who is gonna explain what we can expect if we go up to Machu Picchu early sunday morning. Needless to say we´re syked (psyched aka really excited) to go up the sacred and (for instance) well preserved Inka site, which was never found by the looting Spanish hordes and in fact only discovered 100 years ago!!!

We are the champions!

Voedselhulp? Nope, gewoon uitladen op de markt in Espinar

Veel kruiden en andere waren

en zelfs poolbiljart op de markt!

Net niet van de vrachtwagen gevallen: meloenen

Espinar - Cusco

Backed by the team

11/30/2011 / ingmarelgrifo

Fotoblog (8): Barrio y Iglesia de San Blas

La Plazoleta de San Blas (met rechts de kerk) van boven

De school/studentenverblijf zit op zo´n beetje de best denkbare plek in Cusco: in een straatje net boven het centrale (toeristen-) plein Plaza de Armas. Het is dan ook verleidelijk om op de autopilot het straatje af te waggelen en beneden verder te kijken. Niet doen! Net boven de Plaza en onze Calle Suecia begint het uiterst charmante wijkje San Blas. Het is zo´n barrio waar het stratennetwerk bestaat uit een wirwar van straatjes, steegjes en pleintjes die grotendeels steil omhoog- of omlaagvoeren en waar de met kinderkopjes bestrate weggetjes sinds de Inka-tijd nooit verbreed lijken te zijn.

Nauwe straatjes voeren de berg op naar San Blas en (hoger) de armere wijken van Cusco

Daarnaast heeft San Blas de koop- en eetlustige toerist veel te bieden. Je kunt er uitstekend eten, koffie drinken en uitgaan en dat doorgaans voor veel minder Nuevo Soles dan beneden. Ook word je er minder lastiggevallen door lieden die alles van vingerpoppetjes en zonnebrillen tot met alpacawol geweven tapijten, discotickets met free drinks, Inka Trails en massages verkopen.

´El Pulpito´: het meesterwerk van San Blas is een spreekgestoelte van het zuiverste houtsnijwerk

Diverse musea, kloosters en kerken zijn over de straatjes en pleintjes van San Blas rondgestrooid. Zo wordt het Museo Inka aangeraden, evenals het Museo de Arte Precolombino en het Convento de las Nazarenas. Absolute uitschieter (naast het wijkje an sich) is het kerkje van San Blas. Wat er van buiten uitziet als een simpel rechthoekig geloofsgebouw (één van de kleinere van Cusco), blijkt voor een bescheiden entreeprijs eenmaal binnen heel bijzonder.

Sterker: la Iglesia de San Blas bevat één van de grootste schatten: een uit één stuk ceder-hout gesneden preekgestoelte. Zeer verfijnd uitgewerkt door een begenadigde inheemse artiest (de Spanjaarden herkenden en stimuleerden de artistieke talenten onder de lokale bevolking) en naar verluidt is ´el pulpito´ één van de meest beroemde en verfijnde houtsnijwerken in Noord en Zuid Amerika.

De weinig verheffende voorkant van de Iglesia de San Blas

In de duistere zijstraatjes van het bruisende San Blas moet je wel wat beter op je spullen en jezelf letten. Berovingen komen veel voor en ook de immer aanwezige tourist police kan het fijnmazige wijkje minder goed controleren. ´s Nachts is het dan ook raadzaam om op de hoofdstraten te blijven of, als je je toch alleen door de wijk moet begeven, een taxi te gebruiken. Zien hoe die chauffeur over de gladde keien door die nauwe, spaarzaam verlichte straatjes vol straathonden navigeert is sowieso een hele belevenis op zich.

Plaza de las Nazarenas herbergt het gelijknamige klooster

Goed trouwens dat ik op deze stralende ochtend naar boven ging, want ´s middags regende en onweerde het alweer. Meer pica´s hieronder en op Facebook.

Een smal gangetje leidt langs de kloosterkerk naar het Plaza de las Nazarenas

Och nee er zit zelfs een Nederlands restaurant... Niet slecht, zo hoor ik

Slapende straathonden zijn overdag verre van zeldzaam

Ik had het kunnen weten: sterreporter Tin Tin (Kuifje) was me voor in Peru

Uiteraard krijgt el capitán Haddock het aan de stok met de lama populatie

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

In het echt zijn lama´s (en alpaca´s) natuurlijk hartstikke aaibaar

Je moet wel even twee straatjes en de steilere Cuesta San Blas opkrabbelen

 

 

 

 

 

 

 

 

Plazoleta de San Blas met fuente

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

Cuesta San Blas

 

 

 

 

 

 

 

 

 

Fotograferen verboden maar mooie altaarstukken....

 

 

 

 

 

 

 

 

 

De route voert langs de beroemde 12-hoekige Inka-steen (zie poseur)

 

 

 

 

 

 

 

 

 

in het kerkje van San Blas. Bladgoud waren de Spanjaarden ook niet vies van

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

Op weg naar San Blas, zonder eerst naar Plaza de Armas af te dalen

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

Calle Choquechaca leidt omhoog naar de ruines van Sacsayhuamán

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

Een prachtwijkje met dito straatjes en doorkijkjes

 

 

 

 

 

 

 

 

 

Op weg terug geeft calle Ataud een mooie blik op de achterkant van de Catedral

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

Bijna thuis, nog even afdalen naar Calle Suecia

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

Voorgevel Convento de las Nazarenas

 

 

 

 

 

 

 

Vlakbij ´thuis´ schiet Resbalosa nog steiler omhoog, andere keer verkennen maar... eerst school

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

11/28/2011 / ingmarelgrifo

Mad magic mountainbiketour in Sacred Valley

Ja we hebben de Salineras (zoutpannen) bereikt! Bijna aan het eindpunt! Vlnr Adriaan, Simon, Pepijn, Anneliese et moi

Zoooo dat was me samen met die bizarre voetbalpot van Boca Juniors in Buenos Aires toch wel de meest indrukwekkende Latijns Amerikaanse ervaring tot nu toe: een mountainbiketocht van 48 km.  door de Valle Sagrado (Sacred Valley of the Inca´s), waarbij we in zeven uur (waarvan zo´n vijf op de pedalen) 1200 meter afdaalden langs de meest bizarre paadjes en fantastische vergezichten. Zooo dat was me trouwens ook mazzel hebben, want eigenlijk had ik voor zondag een citytour geboekt… Zaterdag zou ik namelijk assisteren bij een basketbaltoernooi voor de allerjongsten. Die informatie bleek weer eens niet correct, waardoor ik de zaterdag vrij had… Jammer dat die mountainbiketour waar Pepijn en Adriaan me voor uitnodigden op zondag geboekt was, oh nee wacht die citytour (later meer) kon ik gewoon omboeken naar zaterdag! Dubbel pret dus dit eerste weekend in Cusco! (inmiddels zitten we alweer een weekend verder, nieuwe bloggades dus)

Fietsen van het dak en het begin van een mooie dagtrip van zeven uur

Om 9 uur sharp haalt gids Alex ons op bij de Amauta taalschool/hostel en krijgen we onze stalen rossen te zien. Valt niet tegen! Prima spul, hoewel een frame een slagje groter ook niet gek was geweest. Hier een lunchpakket en hup de fiets op naar het busstation. Busstation? Jawel, gewoon met regiobus en die zes fietsen die slingeren we gewoon op het dak. Het kwintet uitverkorenen geleid door de uitstekende Peruaanse gids Alex (“c’mon guys”): Adriaan Rol, Simon Roth, Pepijn van Hoven, Anneliese Rädhead et moi. Anderhalf uur kijken we onze ogen uit in de bus die ons van Cusco via Chinchero naar een dorpje bij Maras vervoert. Op wat zomaar een kruising in het grote niets lijkt, stappen we uit en op. We verruilen het asfalt meteen voor grind, gravel en een steile afdaling waarmee we middenin een gehucht belanden. We starten op 3750 meter hoogte.

Licht heuvelop onder een dreigende lucht

En knallen maar zou je denken, maar nee eerst is er de dreiging van regen. Dus is het meteen omkleden geblazen en vervolgens blijkt er om de paar meter een dermate fotogeniek punt bereikt, dat het afstappen en kieken geblazen is. Dat is zeker ook aan ondergetekende te wijten, de karrevracht foto´s op Facebook vormt afdoende bewijs. De dreigende regen hangt een groot deel van de dag boven ons of anders toch zeker aan de horizon. Vaak kun je het tussen de bergruggen in de verte zien hozen, maar wij vangen alleen druppels de eerste vijf minuten en hebben zodoende de perfecte dag: niet te warm, koud of nat. We zetten, door een aanvankelijk glooiend maar steeds diverser en adembenemender landschap, koers naar Maras voor de eerste attractie: Moray.

Onderweg zien we hooguit enkele boeren, vooral kinderen, met vee

Vooraf hadden we begrepen dat het voornamelijk afdalen zou zijn, maar het eerste dagdeel is het afwisselend dalen en klimmen en blijkt het (gelukkig!) een behoorlijk technische tocht. Anneliese is daar iets minder gelukkig mee, die legt (vanwege het stappen van de dag ervoor?) elke heuvel/berg op te voet af, zodat wij ruimschoots de tijd hebben om van alles bij te tanken en te fotograferen… Prettig, maar het duurt wel lang zo. Niettemin hebben we de flora en fauna van de Sacred Valley uitstekend vast kunnen leggen. Hoewel een flinkere camera met zoomlens beter was geweest voor bijvoorbeeld de roofvogels die boven ons cirkelen.

De grootste van de drie kuilen, de bovenste (rechte) terrassen verbinden het met de tweede kuil

Na een uur of twee-en-half fietsen en vele tussenstops arriveren we bij Moray. Eén van de vele Inka ruïnes zou je kunnen denken, maar dit bouwwerk is uniek. Moray is de enige plek in het gewezen rijk waar dergelijke bouwsels verrezen. De Inka´s hebben hier drie gigantische kuilen met stenen cirkels gevuld en voorzien van een prachtig irrigatiesyteem. Ze worden ook wel Inka laboratoria genoemd, omdat ze bedoeld waren om in de omstandigheden te voorzien om bepaalde planten te verbouwen. Cocaplanten bijvoorbeeld die normaal alleen op een hoogte tussen de 1000 en 2000 m groeien. Naar beneden lopend ervaren we hoe nietig we zijn, vergeleken met dergelijke constructies. De laboratoria van Moray zijn ook één van de weinige Inka creaties die aan de sloopzucht van de Spanjaarden ontsnapt zijn. Helaas biedt dat geen garanties voor de toekomst: het complex wordt nu bedreigd door veelvuldige regenval en landverschuivingen en moet gestut worden. De irrigatiekanalen dienen nog een ander doel: astrologie. De Inka´s lieten de bodem van de kuil vollopen om in de spiegeling van het bergwater de sterren te bestuderen. Daar waren ze in die tijd net als de Maya´s van Centraal Amerika een stuk verder mee dan de Europeanen.

De derde cirkel met op de achtergrond de Andes-reuzen

We hebben nog net tijd om te lunchen voordat we weer moeten opstappen, maar dat is geenzins een straf. Het landschap wordt alsmaar ruiger en de vergezichten steeds schoner. In de verte schitteren de reuzen van de Andes, wiens toppen in de wolken prikken en als die bewolking even wijkt kunnen we de eeuwige sneeuw ontwaren. Volgens onze gids wonen er in de bergen nog volkeren, die volgens de regels van de Inka´s leven en elk contact met ‘ontwikkelde’ Peruanen vermijden. Een fascinerende gedachte, dat mensen op die onherbergzame hoogtes zelfvoorzienend leven. Nu maar hopen dat het toerisme niet tot die toppen reikt in de komende jaren.

Simon en ik zijn als eersten boven en schuiven volgaarne aan

Vanaf Moray slingeren we een tijdje omhoog en omlaag totdat we plots steil omhoog moeten. Het nemen van de pittigste helling van de dag wordt uiteraard beloond met weer een fabelachtig uitzicht en een uiterst hartelijke begroeting door een Indiaanse familie die zelf net aan het almorzar (lunchen) is. Ze bieden ons meteen eten en chicha (mais bier) aan. Later begrijpen we dat de Indiaanse leefwijze dit voorschrijft: niet denken aan een geldelijke of andere beloning maar geven zonder iets terug te verlangen. Alles is immers wederkerig. Ietwat overdonderd nemen we plaats op de boomstammen naast de familie met hun kinderen en honden en smullen een klein half uur. Na afgifte van een mueslibar voor de kleinsten (ondergetekende gokt ook op wederkerigheid) stappen we weer op. Onderweg legt gids Alex ons uit dat dit toch echt geen onderdeel van de geboekte trip uitmaakt en dat we verduveld veel geluk hebben dit als toeristen mee te maken. Zo voelde het dan ook.

Even bergop een jonge, schuwe herdster en haar kudde passeren

Het pad versmalt af en toe, we passeren met enig fortuin een jonge Peruaanse met een kudde schapen, kieken nog wat normaal gesproken award winning pica´s en belanden in een bergdorpje zonder Spaanse kerk (uitzonderlijk, maar het katholieke geloof is hier dan ook ondergeschikt aan inheemse religies en gebruiken). Daar pauzeren we en controleert Alex alle banden en vooral remmen en waarschuwt ons dat we aan een lange, gevaarlijke afdaling beginnen en of we toch vooral links willen houden op het pad en de snelheid matigen. “Afstappen is geen schande en soms onontkoombaar.”

Alex verhelpt een euvel aan de fiets van Pepijn

Met dat vooruitzicht storten we ons volgaarne het met stenen bezaaide weggetje af, wat Pepijn een flinke koprol en gat in zijn broek oplevert. De afdaling is bijzonder uitdagend en vergt een hoop techniek en anticiperend vermogen en een soms niet geringe dosis geluk. Maar dat hebben we de hele dag al in overvloed! Dat volstaat niet om die enorme schans op de route te nemen, zo beslissen we. Anneliese heeft er downhill ook flink de vaart in en met die snelheid nemen de fotomomenten gelukkig ook af, zodat we voor mijn gevoel eindelijk kilometers pakken.

Hasta las Salineras

Inmiddels is het pad dusdanig versmald en de afgrond rechts dermate gapend, dat het devies handen aan het stuur en ogen op het pad is. Na een afdaling van ruim een uur verschijnt er in de diepte iets wits. En jawel dat is het volgende doel: de Salineras van Maras. De route downhill is prachtig, waarschijnlijk de mooiste en moeilijkste afdaling die ik ooit deed en wat een beloning lonkt daar. Zoals het woord `sal´ al suggereert draait het om zout, zoutpannen om precies te zijn die uit pre-Inka tijden stammen en nog altijd in gebruik zijn. Sterker: het aantal zoutpannen is toegenomen tot 5000. De provinciale regering stelt voor elke arme familie twee pannen beschikbaar en er zijn dan ook meerdere families aan het zoutdelven. We zitten dan ook net voor het einde van het ´zoutseizoen´. Als het regenseizoen eenmaal aanvangt, maken modderstromen het zout immers onbruikbaar.

Eindeloze salineras

Talloze dankbare fotomomenten volgen bij de Salineras, waarna wat later blijkt de steilste en gevaarlijkste afdaling begint. Het pad versmalt tot een meter breedte, het aantal losse stenen/rotsen en de bochten nemen we toe en bij de laatste bocht lijkt het me wijzer even af te stappen om het voorwiel in de juiste richting te plaatsen. Slecht idee om aan de lagere linkerkant af te stappen, omdat het zadel zo hoog staat dat mijn voet daar de bodem niet raakt en langzaam maar zeker bewegen fiets en ik in een schone synchrone val naar het gruis en glijden nog een metertje of twee naar beneden. Au. Even ontsmetten dus maar als we beneden in Urubamba zijn. Vervolgens krijg ik nog een lekke band (waarmee Alex me in 10 minuten helpt) en bereiken we het busstation.

Entree Urubamba

Helaas nemen we nu (lord knows why) een andere bus die er 2,5 in plaats van 1,5 uur over doet. Een gruwelijke busrit waarin we iedere vijf minuten stoppen en veels te veel mensen aan boord nemen vormt een voorname anticlimax. Die hoosbui in Cusco, waar we de fiets nog even zonder licht terug mogen fietsen, vormt er nog eentje. Maar de volgende dagen domineren toch de verhalen en de foto´s van die dagtocht waarbij we zelf nog de controle over stuur en wielen hadden… Dank u Alex en de rest voor deze dag!!

Foto´s? Jazeker meer hieronder en vooral op Facebook.

Dank u Alex

Mas sal

Via de houten brug de ....

... de rivier naar Urubamba oversteken

Fauna die nu eens niet het pad blokkeert: burro´s kwamen we het meest tegen

Cactus!

Ook op het dunbevolkte platteland vind je de kleine mototaxi´s (max. 3 pers.)

Schapen bij een verraderlijk groen meer

De Inka´s waren meesters in irrigatie

Alex en Pepijn en route

Adriaan test de eeuwenoude traptreden

Falling behind

Au wat schoon

Plukjes schaap op merkwaardig (beboste) heuvel

Boerenkinderen poseren voor wat snoep, tja

Aanvankelijk ploegden we door een groene hoogvlakte

Aardig paadje toch?

Dorpje met uitzicht (op regen in de bergen)

Soms gevaarlijk, soms paradijselijk, soms een stuntje

en meestal toch maar niet

Dit meisje doet haar behoefte gewoon in de goot (klikken)

Pauze in interessant bergdorpje

Dank u Adriaan, Pepijn en Simon (vlnr). Eens kijken of ik mijn vrienden zo gek kan krijgen...

11/18/2011 / ingmarelgrifo

Cusco: sporten op hoogte in Inka hoofdstad

Eerste blik vanuit hostel richting stadshart Cusco

Niets minder dan een cultuurschok was me voorspeld, en de eerste dagen in Cusco brachten inderdaad schokgolven teweeg. De historische Inka-hoofdstad, gelegen op 3400 m. in de Peruaanse Andes, verschilt in bijna alle opzichten van de Argentijnse, Uruguayaanse en Chileense steden die ik de afgelopen weken bezocht.

Het meest opvallende is de hoogte, als je snel stijgt naar boven de 3000 meter heb je kans op hoogteziekte. Dat geldt dus zeker voor iemand uit het platte Nederland, die vanaf Santiago ineens via Lima (zeeniveau) naar Cusco vliegt. Resultaat: duizeligheid, kop- en spierpijn en kortademigheid. De meeste symptomen verdwijnen na enkele dagen van rust en veel mate de coca (thee van cocabladeren) en water drinken. De kortademigheid na inspanningen is hardnekkiger. Lastig aangezien het studenten/vrijwilligersverblijf twee smalle straatjes boven het centrale Plaza de Armas ligt (mijn kamer nog 5 trappen hoger) en helemaal omdat ik hier sportles aan Peruaanse kids moet geven.

Hostel/school in Cusco zit ideaal: in nauw straatje net boven centrale Plaza de Armas

Die sportlessen zijn sowieso een hele belevenis. Vergeleken met het verzorgen van weeskinderen, verwaarloosde bejaarden of door handicap, armoede, alcohol of misbruik gedupeerde kinderen, mag je dit wel als een feelgoodproject zien. Het Instituto Peruano del Deporte ligt er mooi en relatief nieuw bij en blijkt bijzonder goed geoutilleerd. Het is wel een beetje een chaos, contactpersonen Henry en (basketbalprofesora) Nelly komen geregeld later of niet opdagen en een kwartier te vroeg arriveren is een gotspe. De volgende dag kan alles anders zijn. Zo is er opeens aan andere kant van het complex les en blijkt de tafeltennislerares bij nader inzien een week in Lima voor een toernooi.

Tuurlijk: gewoon gaan sporten op 3400 m. in Andes... Tikkeltje overmoedig: ademnood

Basketbal en tafeltennis is dus de bedoeling, 2×2 uur van 16.00 tot 20.00 uur ongeveer. Tegenvaller want ik had op voetbal ingetekend (is nu geen les, iets met veld…) en anders toch i.i.g. gehoopt op sport die ik enigszins beheers: tennis, squash, hockey of fietsen. Maar vergeleken met atletiek, fitness, boksen of karate prijs ik me gelukkig met deze balsporten. Wel jammer is dat ik die kids (ene dag 7-10 jaar, dan 10-14) weinig tot niks kan leren. Sterker: zij leren mij basketballen! De eerste dag werd ik bij de meisjes ingedeeld en verloor ik elk duel (10x schieten, bij verlies 10x opdrukken). Gelukkig kon ik dat nog op de hoogteziekte gooien.

In ochtendzon basketballen met Peruaanse kids geeft geen reden tot klagen

Begin het basketballen zowaar leuk te vinden (heb m’n lengte mee) en het is sowieso good fun, veel lachen met de gretige maar ook vaak baldadige jonge sporters. Ze zijn bovendien best benieuwd naar mijn verhalen over (sport in) Nederland of mijn Argentijnse belevenissen. En het is goed communiceren, alleen het basketbaljargon is nog lastig, maar verder spreken ze keurig Castellano (Spaans), met beduidend minder valkuilen dan in Buenos Aires! Sommigen spreken onderling ook Quechua: de oude taal van de Indianen, die zeker onder arme deel nog veel gesproken wordt. De onverbiddelijke juf Nelly heeft dat echter voor mijn behagen verboden. En als je Nelly eenmaal boos hebt gezien, snap je dat ze haar gehoorzamen. De vrouw boezemt ontzag in, heeft dus gezag en dat ook nodig overigens.

Vrijwilligersproject: Instituo Peruano del Deporte, waar ik bij de basketballes help

Benieuwd naar volgende week: we schrijven ons in voor een bb-toernooi en maandagavond moet het tafeltennis beginnen. Niet echt gunstige tijd: tot circa 20.30 uur tenis de mesa betekent dat ik pas zo rond 21.00 uur met de bus (belevenis op zich) terug ben en dan dus in mijn eentje kan gaan eten. In tegenstelling tot Buenos Aires eten studenten hiernamelijk een stuk eerder, gaan veelal op tijd naar bed (stappen kan zeker wel) omdat ze ook vroeg op moeten. Ik ook, want het ontbijt is tussen 7 en 9 en als de zon hier om 5 uur opkomt, word ik altijd wakker…

Goede faciliteiten zeg, hartstikke nieuw met dank aan de provinciale overheid

Dit weekend en komende week zal ik me meer in stad en alle bezienswaardigheden verdiepen en ook wat Spaanse prive-les nemen. Voor nu ben ik blij met 2 uur sport per dag en vooral dat ik elke dag aan adem win.

Hieronder nog een paar fotookes. Meer op Facebook.

Mate de coca (cocathee) helpt de hoogteziekte te verdrijven

Inclusief atletiekbaan

Au, verkeerde afslag dus lange trap op om bij hostel te komen

Plaza de Armas met links de indrukwekkende Catedral en rechts de door Jezuieten gebouwde (bijna net zo grote) Iglesia La Compañia

Geen basketballerares op aangegeven tijd, dan maar op kantoor Equador-Peru kijken (2-0)

Veel Indiaanse vrouwen in klederdracht op straat in Cusco, maar de meesten zijn arme straatverkopers

Zicht vanaf Santa Clara klooster

Ook in Cusco veel straathonden, die in de middaghitte de schaduw opzoeken

Eten met studenten/huisgenoten bij de Inka Grill aan het Plaza

Altijd live (panfluit) muziek bij het eten

De rode huiskat in de laatste zonnestralen van mijn eerste weekend

11/17/2011 / ingmarelgrifo

Tijd tekort in Santiago de Chile (fotoblog 7)

Vanaf de heuvel van San Cristóbal zie je pas goed hoe uitgestrekt Santiago is

Santiago de Chile! Wat een mooie, bruisende stad! Ik kom er al gauw achter dat mijn verblijf van twee dagen (ingekort door een onfortuinlijke busreis) niet volstaat in deze miljoenenstad. Ik zit inmiddels al weer vier dagen op hoogte in Cusco, Peru, maar van alle blogs die nog op de plank liggen te verstoffen mag deze niet ontbreken. In Nederland dacht ik eerlijk gezegd niet direct aan Chili, maar toen ik eenmaal een reis naar Córdoba en Mendoza begon in te plannen, kwam het land snel in beeld. Althans de hoofdstad. Santiago de Chile ligt vanaf het Argentijnse Mendoza bezien namelijk precies aan de andere kant van de Andes. Wat ook meespeelde is dat alle vluchten vanuit die kant van Argentinië naar Peru over Santiago gingen. Dan maar vanuit Chili (via Lima) naar Cusco vliegen.

Het financiële district van Santiago is op het protserige af en doet Europees aan

Die beslissing pakte niet verkeerd uit. Afgezien van de nare tijd van het generaalsregime van Pinochet, was ik redelijk onbekend met het land en de staat waarin het nu verkeert. Eenmaal aan deze zijde van de Andes kom ik er al gauw achter dat Chili ook niet onverdienstelijk wijn verbouwt (mooi landschap!=), dat de hoofdstad niet alleen best wel welvarend oogt, maar dat het land dé sterkste economie van Latijns-Amerika heeft en dat de zaakjes op orde lijken. Vergeleken met Buenos Aires lijkt alles in Santiago wat schoner, beter geregeld en welvarender. De Duitse invloed is hier nog groter dan bij de buren, misschien dat dat verklaart waarom volgens mijn gastheer twee dingen in Chili heel goed werken: de belastingen en het smetteloze en efficiënte metronetwerk (elke twee minuten). Verder dragen zowat alle nationale bieren een Duitse naam (als blijk van kwaliteit?) en schijnt het aantal Duitse achternamen in gegoede buurten als Las Condes schrikbarend te zijn. Hoewel de immigratiestromen uit heel Europa al decennia eerder op gang kwamen, zou dat toch niet vooral te wijten zijn aan een zekere verloren oorlog in de jaren ´40?

Prachtige cactus tijdens afdaling Cerro San Cristóbal

Santiago heeft veel te bieden. Zo zijn er behoorlijk wat uitstekend geconserveerde, koloniale gebouwen te bezichtigen en telt de in 1541 door de Spaanse conquistador Pedro de Valdivia gestichte stad anno nu een behoorlijk aantal interessante musea en andere bezienswaardigheden. En markten! Na al het vlees in Argentinië en Uruguay duik in de Mercado Central nu eens vol in de mariscos (zeevoedsel!) boter. Bij een bezoek aan Santiago is het beklimmen van de Cerro (heuvel) San Cristóbal een absolute must voor een joekel van een beeld van de Maagd Maria en vooral voor het uitzicht over de metropool. Je kunt ook met de kabelbaan omhoog, wat bij +35 graden geen slecht plan blijkt. De wandeling naar beneden is dan weer zeer de moeite waard.

La Virgen Maria domineert de heuvel

In Chili beleef ik ook mijn eerste tegenslag in vijf weken Zuid-Amerika, geheel door eigen schuld… Het leek me handig voor mijn vertrek naar Peru, nog even een flinke mep was door de lavanderia te mikken. De wasservice van het Bed & Breakfast lijkt wat duur, dus bezorg ik het bij één van de vele , nu eens niet Chinese, wasserettes. So far so good, enige wat ik hoef te doen is het zaterdag voor 14.00 uur ophalen. Dan sluit de tent en zondagochtend vlieg ik immers naar Peru. En daar gaat het mis; al internettend vergeet ik de tijd en om 14.45 ren ik naar buiten, de drukke Alameda over en eindig voor een vergrendeld rolluik. Ondanks de nodige hulp van Dennis, de Nederlandse eigenaar van het uitstekende B&B Casa Bonita (aanrader!), krijgen we mijn wasgoed (2/3 van wat ik hier bezit) niet terug. De eigenaar zit tegen de tijd dat de buurman hem eindelijk aan de lijn heeft, al aan de grill in zijn tuin op 200 km. van Santiago… Lichte paniek maakt zich van mij meester, maar hé; het is maar textiel. En Dennis blijkt best bereid om de was maandag op te halen en vervolgens naar Peru te laten zenden. Kost me wel 40 euro, maar begin volgende week moet het in Cusco arriveren. Dank u Dennis! Overigens is Dennis´ achternaam Duits en zijn tweede voornaam Ingmar… maar dat terzijde.

De charmante Barrio Brasil is de uitgelezen plek om te gaan eten

Die grap kost me een deel van de tweede en laatste middag in Santiago, maar niet getreurd: ik duik vervolgens weer snel de stad in, langs protesterende studenten, het koloniale museum en een park met kasteel dat even oud oogt (beiden sluiten voor mijn neus de deuren) en eindig net als de twee avonden ervoor in een charmante buurt bij een uitstekend restaurant voor een dito lap vlees. Na twee avonden in het nabijgelegen Barrio Brasil (studentikoos, maar zeer charmant) vind ik ditmaal mijn culinaire heil in Lastarria, een buurt die evenzo bohemien als Barrio Brasil oogt, maar dan een tikje artistieker. Getuige ook de boeken- en kunstmarkt en een fraai straatconcert in de schemering.

Studentenprotesten Chili style: Universidad de Chile bezetten en bekladden (LSVB leest u mee?).

Ook de wijk waarin het B&B zit, net buiten absolute centrum maar aan de belangrijkste metrolijn, zit barstensvol studenten en aan hen flink verdienende cafés en restaurants. Het blijkt de perfecte plek om de WK kwalificatiewedstrijd Uruguay-Chili te kijken! In Santiago draait heel veel om studenten en universiteiten. De stad herbergt talloze universiteiten en colleges, twee metrostations en dé belangrijkste voetbalteams zijn ernaar vernoemd: Universidad Católica en Universidad de Chile. Het straatbeeld in een groot deel van de stad wordt ook bepaald door studenten. Die zijn overigens niet echt tevreden met wat stad en land bieden. Sterker nog: studenten protesteren al zes (!) maanden tegen het in hun ogen te dure onderwijssysteem. Ze eisen gratis onderwijs, zoals buurland Argentinië gek genoeg wel heeft en wat veel Zuid-Amerikaanse studenten naar Buenos Aires lokt.

Studenten protesteren al 6 maanden tegen kosten onderwijs en sluiten zo de grote Alameda af

De protesten gaan er net wat anders aan toe, dan wij Nederlanders op het Malieveld gewend zijn. Er is al eens een jonge student omgekomen door politie ingrijpen en regelmatig werpen ze barricades op. Zo zie ik op mijn eerste avond in Chili de Alameda Libertador Bernardo O’Higgins in brand staan, door de brandende barricades is de belangrijkste verkeersader van Santiago enige tijd geblokkeerd.

Meestal ziet het er stuk vrediger uit: drukke maar kleurige straten in de lente

De zwaarbewapende militaire politie, die je werkelijk overal in de stad naast of in gepantserde trucks ziet, is er even niet op tijd bij. De Chilenen zijn er inmiddels aan gewend en maken zich niet al te druk. Het belangrijkste advies van hotelier Dennis: “Ga niet bij die politiemannen in groene pakjes staan. Daar gaan later de stenen heen.”

Het is eigenlijk het enige gekke aan twee dagen Chili. Het lijkt een typisch, voetbalgek en warmbloedig Latijns-Amerikaans land, zij het wat welvarender. Ik kom terug!!

Meer foto´s hieronder en nog meer op Facebook.

Het centrale Plaza de Armas mag er wezen

met Catedral

De Chileense vlag wappert fier en kingsize in het regeringshart

La Avenida Libertador General Bernardo O'Higgins

Stads- en regeringscentrum is groots opgezet

Oud en nieuw

Veel gepantserde politie overal

en beveiligers...

voor de vele geldtransporten in financieel centrum

Bijzonder veel fraaie graffiti art in Santiago

Uitzicht wordt alleen belemmerd door smog

Rio Mapocho

Maria met tv-mast

Even vis happen in de Mercado Central

De Mercado Central

Mannen spelen schaak in beschutting kapel op Plaza de Armas

met live muziek uiteraard

Met de funicular omhoog voor het uitzicht

Nog een koloniale kerk aan andere kant rivier

Uitzicht tijdens afdaling

Downtown Santiago

Stad reikt verder dan het oog

Kunst of prots

11/12/2011 / ingmarelgrifo

De Andes over van Mendoza naar Santiago de Chile (fotoblog 6)

Grens Argentinië - Chili op 3500 m. hoogte, waar we helaas 4uur moesten wachten

Al tijden op verheugd: met de bus de Andes door van de Argentijnse wijnhoofdstad Mendoza naar Santiago de Chile, de 4,5 miljoen inwoners tellende hoofdstad van Chili. Door voor zondag mijn vlucht Santiago-Lima-Cuzco te boeken, had ik mezelf vooraf gedwongen in ieder geval van Buenos Aires naar Santiago te reizen en daarvan krijg ik heel geen spijt! Hoewel de trip niet zo vlekkeloos verloopt als gehoopt…

Zo slingert de weg vanaf Mendoza omhoog, niet te steil wel fraai

Door een computerstoring bij de Chilenen moeten we liefst 4 uur aan grens wachten, waardoor de beloofde 16.30 aankomst, 20.30 wordt en we dus 10 uur in de hete bus doorbrengen. De Chilenen geven ondertussen nieuwe invulling aan het begrip bureaucratie: nadat onze chauffeur er na een uur achter komt dat we toch niet zomaar in de rij staan… mogen we zo ineens met de hele bus door naar het immigratieloket. Dat gaat redelijk vlot, maar helaas, dat was pas loket 1, het Argentijnse deel van de douane rompslomp. Loket 2  (1 raampje en 45 minuten verder) blijkt het Chileense deel, waar we nog wat stempels krijgen.

De eerste besneeuwde toppen

Daarna lopen we tevreden terug naar de bus, in de stellige overtuiging dat we het ergste gehad hebben. Stom, stom, stom. De bus rijdt vlotjes de controlehal in, waar we aan de bus voor ons zien wat ons te wachten staat: alle koffers uit het laadruim op de band (door de röntgen) en de passagiers mogen zich in rijen opstellen achter tafels, met hun handbagage voor zich. Vervolgens rent een vrolijk kwispelende en snuffelende labrador over de tafels alle mensen af tot grote hilariteit/schrik. Daarna even de vooraf ingevulde papieren afgeven en nogmaals verklaren dat je toch echt geen fruit wil invoeren. De Chilenen zijn nogal protectionistisch waar het de nationale fruitsector betreft?!

Welkom in Parque Aconcagua, de 6960 m. hoge top die we vanuit de bus niet in zicht krijgen

Nadat uit onze bus een stel Engelsen stuk voor stuk de koffers moet openmaken en zich verantwoorden (nee geen fruitpasta, maar crème), zijn we weer 30 minuten verder en vragen ons af: waarom die Engelsen wel en wij niet? Hoe dan ook, we komen er doorheen en in ons geval blijft de labrador zelfs in de kooi. Zonde… Eenmaal in de bus denken we eindelijk aan de afdaling te beginnen, als ik de chauffeur iets hoor schreeuwen naar zijn collega dat met ´falta´ begint. Hoe bedoel je falta, vraag ik. Qué falta (wat mist er). Hij wijst op een lege stoel voor me en kijkt boos. Lichte wanhoop maakt zich van ons meester als we beseffen dat die zeurderige oude Chileen voor ons, die als eerste door de douane glipte en continu aan het bellen was, zoek is.

Oh mijn god wat een afdaling! Geef me een fiets en... ik vlieg te pletter

Het duurt een half uur, waarin we hardop zinspelen op een vertrek zonder de beste man, maar de chauffeur lijkt onvermurwbaar. Zwetend komt zijn collega met de verward ogende man aangehold. Hij neemt plaats en begint weer zijn familie te bellen om ze mee te delen, dat hij wat later in Chile aankomt… Grrrrrrrrrrrr. Nadat we de vier uur aan de grens gepasseerd zijn, dalen we dan af en dat valt mee! Voor de niet bang aangelegde passagiers dan, want het gaat steil en hard naar beneden. Sommigen kunnen het niet aanzien, maar het schouwspel is ronduit fascinerend. Al met al een heel vermoeiende bustocht, maar de adembenemende uitzichten vanuit de bus maken het meer dan goed. En dan krijgen we nog een extraatje cadeau: door al het tijdsverlies zakt de zon steeds verder, wordt de lichtval alsmaar mooier en – als we dan eindelijk Santiago in het vizier hebben – we worden getrakteerd op een bijna zonsondergang die het palet van groen, zwart en geel op de hellingen wat roder doet kleuren. Mooi!

Door alle vertraging krijgen we wel als douceurtje de zonsondergang boven de bergen mee!

Groen ja, want verder naar beneden wordt het alsmaar groener en het gras- en akkerland talrijker. Het tegen de Andes hellingen geplakte land is bijzonder vruchtbaar en dat maakt het ook geschikt voor wijnbouw. Dat idiote Chili is sowieso een unicum: ineengeklemd tussen Andes en (Pacific) de Grote Oceaan is het 4300 km lang en slechts 175 km breed. Maar wat een variatie in landschap: van de woestijn in het noorden, ski-gebieden en besneeuwde Andes toppen tot Patagonië en het Antarctische zuiden. Iets om voor terug te komen, zoveel is zeker.

De foto´s dan, zoveel mogelijk in chronologische volgorde! Een uitgebreider overzicht vind je in het Facebook-album.

De Argentijnse kant valt vooral te typeren als ´ruig´

Wiens hoofden zijn dat?

Afgelegen dorpjes in groene oases

Totaal gefascineerd kijk ik lange tijd hoe parallel aan de weg, één van de meest uitdagende treintrajecten is gerealiseerd. Hier is het echter einde oefening. Eens temeer blijkt de spoorlijn nu niet bruikbaar

en daar verdwijnt het spoor in de berg

Voor de thrillseekers: raften in de Andes

of jumpen vanaf de spoorbrug

De rivier is er net breed en zeker wild genoeg voor, grillig verloop incluis

Veelkleurig

Goud? Mooi paletje in ieder geval

De bloederige sci-fi film in de bus is beduidend minder interessant

Veel paarden, maar zo nu en dan ook wilde?!

Bij de grens treffen we het hoogste punt en de meeste sneeuw

Eerste Argentijnse controlepost

Ruige en besneeuwde bergtoppen bij de grens

Langdurig uitzicht vanaf bus voor Chileense frontier

We beginnen aan een tergend mooie, lange afdaling (not for the faint of heart!)

In de verte ligt een hemelsblauw meer

Damn wat een landschap, Zuid-Limburg eat your heart out!

Afdalen!

De route van de trein blijft tot de verbeelding spreken

Pffff

Mooie dorpjes tegen de helling, vooral te bereiken via deze loopbruggen

De route van de trein blijft tot de verbeelding spreken

Nog hoogstandje: lange tunnel waar we net door reden

Landschap blijft maar veranderen

Skidorp

Van sneeuw tot gruis

Aan de kant met die vrachtwagen (halsbrekende inhaalmanoeuvres)

Aan Chileense kant is Andes aanvankelijk even ruig maar steiler, maar eenmaal lager is het een stuk groener

Argentinië heeft Mendoza, maar het smalle doch vruchtbare Chili heeft ook veel wijngebieden. Kom maar door met die zonsondergang en... Santiago!

11/10/2011 / ingmarelgrifo

Fotoblog 5: Córdoba, Alta Gracia en Mendoza

Zo zag provincie Mendoza er uit, net na het passeren van de provinciegrens

Mijn laatste dag in Argentinië is helaas al aangebroken. Van zo´n beetje het uiterste oosten (Buenos Aires) ben ik met de bus tot Mendoza in het tegen de Andes geplakte, dorre, uiterste westen van het land gereisd. Voordat de volgende bus me morgenochtend over de Andes naar Santiago de Chile vervoert, is het tijd om de balans op te maken van de avonturen onderweg. Hierbij dus drie dagen Córdoba (inclusief Alta Gracia) in beeld evenals deze laatste dag in Mendoza. Dat doen we middels het o zo makkelijke fotoblog, de vijfde alweer! Meer foto´s moeten op Facebook te vinden zijn in de mappen Córdoba en Alta Gracia en Mendoza.

Ook in het lullige stroompje van Córdoba is het mooi verkoeling zoeken voor dit meisje

Córdoba
De tweede stad van Argentinië en daar zijn de 1,5 miljoen Cordobeses best trots op. Stad en provincie Córdoba liggen midden in het hart van het land, op een punt waar de sierras (berg/heuvelruggen) het onafgebroken groen van de pampa´s wat onderbreken. Zo tegen het eind van de lente kan de temperatuur behoorlijk oplopen (35+) en dat maakt het wat pittiger om de vele schoonheden van de stad te proeven. Córdoba is namelijk (evenals Mendoza, Salta, Santiago del Estero) een van de oudste steden van het land. Toen de Spanjaarden in en rond Buenos Aires maar moeizaam voet aan de grond kregen, had een andere expeditie die afzakte vanuit Peru en Bolivia meer succes in het noordwesten van het land.

Water- en lichtspel bij Paseo del Buen Pastor

Het mooie is dat een groot deel van het historische (door de Jezuieten gestichtte) centrum van de stad nog intact is. Daarnaast staat cultuur hoog in het vaandel en kan de stad op veel musea bogen, evenals een bruisend uitgaansleven. De empenada´s zijn trouwens ook van hoog niveau. In de stad kun je zo, zeker met uitstapjes naar de sierras en de estancias (Jezuitische ranches), een week kwijt maken, iets wat ik zeker aanraad! Alleen de rivier viel me wat tegen, dat ziet er in Sevilla toch een stuk gezelliger uit als dé plek om afkoeling te zoeken. Maar Córdoba is een best wel relaxede stad, zeker voor die grootte, en was in die zin na Buenos Aires een verademing.

Alta Gracia: Vooraanzicht Estancia Alta Gracia plus Iglesia Nuestra Señoria de Merced

Alta Gracia
Estancias dus, daar moet je in de provincie Córdoba heen, om te proeven van het leven van de Jezuieten/de gauchos (cowboys). Overnachten wordt aangeraden, maar sommigen zijn ook prima als (half) dagtripje te bezoeken. Alta Gracia ligt bijvoorbeeld maar 37 km. van de stad verwijderd, wat een minibus een klein uur kost (niet in de spits!). En: in paar uur bezoeken volstaat ook: door fout Turismo buro (VVV) blijk ik eenmaal aangekomen nog 30 minuten over te hebben voor de Estanciawaarna ik er als beroepsvoyeur nog een bezoekje aan ´het huis´van Ernesto ´Che´ Guevara tegenaan gooi, vanachter het hek that is…

Klasse beef gegeten op laatste Argentijnse avond, in La Tasca de Plaza Espana (hier voorgerecht)

Mendoza
Mendoza is de hoofdstad van de gelijknamige provincie en van het meest beroemde wijngebied van het land. Ruim 70% van de Argentijnse wijnen komen uit deze provincie, die in het westen tegen de Andes aanschurkt. Het toerisme heeft hier een e-nor-me vlucht genomen wat er op neerkomt dat je als je klaar bent met druivenstampen op je blote voeten, je kan kiezen tussen: bezichtigen/beklimmen van de hoogste Andes-toppen, paragliding, mountainbiken, raften, city tour per fiets of bus, trekking of een trip naar elders in de provincie… Nice! Enne: één dag is dus echt veels te weinig voor Mendoza!

Voor mij kan er deze laatste Argentijnse avond (zeker na de laffe Italiaanse groentehap van gister) natuurlijk alleen maar vlees op het menu staan. En mijn god dat kreeg ik ook: een enorme sappige lap in het Spaanse knusse, arty en klasse restaurant La Tasca de Plaza España (Montevideo 117)! Met grappa con miel van het huis! Morgen wacht de busreis door de Andes, die me langs de hoogste top in Noord en Zuid Amerika voert: de 6962 meter hoge Aconcagua.


Hieronder eerst de foto´s van Córdoba, die van Alta Gracia en Mendoza vind je verder naar beneden:

De neo-gotische Parroquia Sagrado Corázon de Jesús de los Capuchinos

Museo Provincial de Bellas Artes Emilio Caraffa

Het Caraffas museum is mooi opgezet, maar biedt een vreemd allegaartje met af en toe iets echt intrigerends

Museumtuin

De Faro van Sarmiento park staat er al fier bij, verder moet er nog een hoop gebeuren

Uitzicht vanaf het museum op ´mijn´ wijk Nueva Cordoba

In bloei op het Plaza España

Vlees, heel veel vlees in de Mercado Norte: a must for the Córdoba meathead

Elke stad van naam verdient een grote Catedral

Geen subte hier, maar wel El Trole: trolleybussen

Compañia de Jesús kerk

Veel zwaar ademende, suffe straathonden in Córdoba

Op naar de rio, waar het wel frisser en groen is maar weinig om het lijf heeft

Daar is ie, de grote zanger himself op weer een sokkel: Carlos Gardel

Puente de Antártida over het riviertje van Córdoba

Ehm...nice doggie...nice doggie!

Interieur Compañia de Jesús in Córdoba

Veel aanbod maar ja, toch maar niet hier...

Lijkt toch verdacht veel op Grifos: Griffioenen!

Lovely Plaza Colón

El Arribal is een tango/milongarestaurant in de wijk Nueva Cordoba waar niet alleen de eters dansen

en waar ze uitstekende Bife de lomo en salsa de setas serveren!

VANAF HIER PICAS LA GRACIA!! Galerij van Estancia La Gracia

Eeuwenoude Duitse bijbel

Op naar ´het huis´ van...

Ja ja daar is ie dan: het huis waar Ernesto Guevara tien jaar woonde in Alta Gracia

Nou die Jezuieten hadden toch mooi propere toiletten dan het hostel Cordoba

Mijn droomhuis staat te verpieteren in de straat van Che verdikkeme!

Uitzicht vanuit Alta Gracia

Droomauto dient alleen de rooie kat

VANAF HIER PICAS MENDOZA!! Gearriveerd in Mendoza na lange trip met deze nachtbus van Andesmar uit Cordoba

Mendocinas doen dus wel aan siesta, middaguur is akelig rustig en daarna barst alles weer los

Het Museo Fundacional aan het voormalige centrale plein van Mendoza, waar ik groot deel laatste dag doorbracht

Zo zagen de Huarpes (Indianen) er in dit deel (Cuyo) van Zuid-Amerika uit, voor de Spanjaarden kwamen... (nu bijna uitgeroeid dus)

Tot 1861, toen een grote aardbeving het merendeel van Mendoza verwoestte, was het Plaza Pedro del Castillo het centrum van de stad

Foto van het plein, een jaar na de verwoestende aardbeving. Voor de wederopbouw werd de stad in zuidwestelijke richting verplaatst

Koloniale kaart, Mendoza viel lange tijd onder Chili. De onderworpen Indianen werden daar in de mijnen tewerkgesteld

Als toegift krijgen we de oude fontein/waterbron te zien, die de stad van schoon drinkwater moest voorzien

De klassenindeling die voor alle Spaanse koloniale gebieden gold. Indianen, halfbloeden (mestiezen) en mulatten (mengeling met slaven) onderaan

Mooie foto-expo van Juan Diego over Equador in hetzelfde museum

De ruïne van de San Francisco kerk is een van de weinige tastbare resten van de aardbeving

De Jezuïeten bouwden de kerk in 1731

Generaal San Martin, die Argentinië, Chili en Peru van de Spanjaarden bevrijdde, is de grootste nationale held (ruimde ook laatste Indianen-verzet op)

Mendoza heeft liefst vijf centrale pleinen, het Paza San Martin is een van de vier kleinere

Het Plaza Independencia is, zoals in veel steden, het grote centrale plein

Blik vanaf het Plaza naar de Andes

Looking independent indeed

Prachtig waterspel in fonteinen Plaza Independencia

Altijd een regenboog te vinden

Playing music in the park...

Het Plaza España is een kleinere versie van die in Sevilla, maar de tegels laten ook de rijke historische band tussen de twee werelddelen zien

Laten we in ieder geval hopen dat bustrip door Andes verheffender uitziet dan oer-Hollandse aanblik richting Córdoba...